De vijfde en zesde verlenging van de coronawet liggen onder vuur in het parlement, maar toch rekent het kabinet al op een mogelijke zevende verlenging. Ook na 1 september kan die wet nodig blijven om virusmaatregelen te nemen. Een harde botsing dreigt in de Senaat.

Het coronavirus lijkt een plaag van vervlogen tijden, maar nog altijd beschikt het kabinet met de tijdelijke wet maatregelen covid-19 over een juridisch raamwerk om afstand houden af te dwingen, net als het coronatoegangsbewijs en de mondkapplicht. Met die wet in werking kunnen maatregelen razendsnel afgekondigd worden als corona onverhoopt weer opvlamt.

Maar de periodieke verlenging van de wet staat op de tocht in de Eerste Kamer, na eerdere kritiek van onder meer de Raad van State. Partijen eisten in meerderheid dat de tijdelijke wet zo kort mogelijk duurt en slechts een aantal basisinstrumenten kan bevatten. Ook willen fracties een snelle aanpassing van de permanente Wet publieke gezondheid, die moet vervolgens nog jaren mee kunnen.

In weerwil van die brede wens meldt minister van Volksgezondheid Ernst Kuipers (D66) dat het maken van een structurele ‘pandemieproof’wet meer tijd kost. De minister rekent erop dat hij het voorstel voor een eerste wijziging van de Wet publieke gezondheid net voor september met het parlement kan delen. Maar dan kost het nog weken de tijd voordat deze besproken en ingevoerd is. Daardoor is dus zelfs na 1 september waarschijnlijk nog tijdelijke wetgeving nodig, stelde Kuipers in zijn brief aan de Tweede Kamer. De facto betekent dat een zevende verlenging.

,,Dat zou kunnen”, bevestigt zijn woordvoerder. ,,De wet behouden betekent niet dat de maatregelen ook gelden. Maar dit is een heel grillig virus, een gereedschapskist houden is verstandig. Natuurlijk willen we een degelijke aanpassing van de wet publieke gezondheid, maar dat kost tijd.”

Ramkoers

Zo dreigt Kuipers op ramkoers te geraken met de Eerste Kamer, die half mei debatteert over de tijdelijke coronawet. In de Senaat is het verzet al langer fel: een meerderheid stemde eerder voor de motie die het kabinet opdraagt de wet verder uit te kleden. Mede daarom sloopte Kuipers de digitale coronapas eruit, maar blijft er nog altijd meer in de gereedschapskist achter dan de Senaat wil.

De Eerste Kamer accepteerde feitelijk alleen nog regels rond afstand houden, mondkapjes en hygiëne, maar Kuipers houdt liefst ook de ventilatienorm en andere -wat lichtere restricties- in de wet: ‘Verlenging van een aantal bepalingen is gerechtvaardigd zodat met de nodige snelheid weer maatregelen getroffen kunnen worden’, schrijft de minister.

Poot stijf

De kans lijkt reëel dat Kuipers straks zonder wettelijke basis zit, als een Senaatsmeerderheid de poot stijf houdt en tegenstemt. Kuipers’ partijgenoot Peter van der Voort meldt dat de D66-fractie in de Senaat ‘zich nog beraadt’ op de kwestie. ,,De beweging die de minister maakt is in de goede richting, de vraag is of het genoeg is. We hebben nog veel vragen, die komen in het debat in mei aan de orde.”

Eerder suggereerde PvdA-senator Jeroen Recourt al dat het compleet wegstemmen van de tijdelijke wet ook een optie is: ,,Dan maar geen wettelijke maatregelen meer. Dan moet het kabinet maar met een noodwet komen als de nood aan de man is. Dat kan ook snel, dat is eerder bewezen.”

Dat is ook de opvatting van GroenLinks-Tweede Kamerlid Lisa Westerveld. Haar fractie stemde onlangs in de Tweede Kamer al tegen de vijfde verlenging – die haalde nog maar nipt een meerderheid met de coalitiesteun van VVD, D66, CDA en ChristenUnie.

,,Het gaat hier om wetgeving die een flinke inbreuk kan maken op grondrechten, daar moet je heel zorgvuldig mee omgaan. Dat een zevende verlenging nodig kan zijn is teleurstellend, wij vragen al sinds de eerste ronde om een aanpassing van de Wet publieke gezondheid. Als dat in september gebeurt zijn we 2,5 jaar verder.”

Bron: AD.nl